Het gebeurt soms dat ouders aangeven geen zorgen te hebben over hun kleuter, terwijl jij tijdens het consult signalen opvangt die je aandacht trekken.

In zo’n situatie is het belangrijk om:

Je kan bijvoorbeeld:

Zo creëer je ruimte voor een open gesprek, zonder het perspectief van de ouders uit het oog te verliezen.

Soms ervaren ouders bepaald gedrag niet als problematisch of zijn ze gewend om ermee om te gaan. Vanuit je expertise in de normale ontwikkeling van jonge kinderen kan je dan toelichten wat je opvalt en waarom dit je zorgen baart. Het helpt om dicht bij je observaties te blijven en aan te geven wat je ziet of hoort.

Vragen zoals “Hoe gaan jullie daar als ouder mee om?” of “Hoe verloopt dat thuis?” houden de dialoog open en nodigen uit tot verdere verkenning.

Wanneer jij en de ouders de situatie anders inschatten, kan het helpen om:

Het doel is niet om elkaar te overtuigen, maar om samen tot een beter begrip van de situatie te komen en, waar nodig, gepaste ondersteuning of opvolging te voorzien.